Nieuwe regels voor reanimeren
26 januari 2006
De richtlijnen voor het reanimeren van slachtoffers die in levensgevaar verkeren worden drastisch gewijzigd.
Voor de circa 300.000 EHBO-vrijwilligers in ons land houdt dat in dat ze een bijspijkercursus zullen moeten volgen. Maar ook het personeel van de EHBO-afdelingen in de ziekenhuizen en personeel van zorginstellingen zal moeten worden bijgeschoold. Op hun beurt moeten ook de instructeurs worden hertraind.
Behalve de 1200 plaatselijke EHBO-afdelingen die de vrijwilligers opleiden, telt ons land 250 commerciële scholingsinstituten, waar onder anderen hulpverleners voor bedrijven en zorginstellingen worden opgeleid.
Aanleiding vormen de nieuwe Europese regels die eind vorig jaar zijn opgesteld. De Nationale Reanimatie Raad (NRR) is momenteel bezig te inventariseren wat deze nieuwe richtlijnen concreet voor de situatie in Nederland inhouden.
"Reanimatie bestaat al sinds de zestiger jaren, maar in 1992 zijn er voor het eerst wereldwijde afspraken op papier gezet. Daarna zijn ze in 2000 gewijzigd en nu dus voor de derde maal", aldus dr. Ruud Koster, behalve cardioloog aan het AMC voorzitter van de NRR en als lid van de Europese Reanimatie Raad betrokken bij het opstellen van de nieuwste richtlijnen.
Deze nieuwe richtlijnen worden in maart vastgesteld tijdens een landelijk congres. Een aantal van de belangrijkste wijzigingen is echter al bekend. Uitgangspunt is dat meer de nadruk op hartmassage in plaats van beademing komt te liggen.
"Niet dat het voorheen niet goed gebeurde, maar de wetenschap staat nu eenmaal niet stil. Hopelijk doen we het voortaan nog beter zodat er nog meer mensenlevens worden gered", aldus dr. Koster, die het belang van reanimatie nog eens onderstreept: "Een slachtoffer dat wordt gereanimeerd in afwachting van de komst van de ambulance heeft tweemaal zo veel kans op overleven dan wanneer niet wordt gereanimeerd."
Volgens dr. Koster komt de nadruk voortaan nog meer op hartmassage te liggen: "Beademing blijft niettemin belangrijk met het oog op het zuurstof in het bloed."
Levensbelang
Wetenschappelijk onderzoek heeft echter aangetoond dat het telkens onderbreken van de hartmassage van levensbelang kan zijn. Vandaar dat er nu een wijziging plaatsvindt in de verhouding tussen hartmassage en beademing.
Aanvankelijk was deze verhouding 5:2. Wat wil zeggen: vijfmaal op de borstkas duwen en vervolgens tweemaal in de mond blazen. "Dit is vijf jaar geleden 15:2 geworden en volgens de nieuwste richtlijnen wordt het 30:2", aldus dr. Koster.
Volgens woordvoerster Annet de Voogd van het Oranje Kruis, worden er vanaf 1 augustus volgens de nieuwe richtlijnen examens afgenomen. Daarvoor moet het cursusmateriaal worden aangepast.
26 januari 2006, De Telegraaf
